ZELFVERKLAARDE DEMOCRATIE DOODT ZOVEEL MOGELIJK ARABIEREN

door Jef Coeck, 13 februari 2009


‘De Onafhankelijkheidsverklaring van Israël verwijst nergens naar een “democratische” staat, zelfs niet naar een zionistische of een staat voor de Joden, maar wel naar een Joodse, een zuiver Joodse staat… de termen “democratie” en “democratisch” komen nergens in de Onafhankelijkheidsverklaring voor. Dat is geen toeval. Het doel van het zionisme was niet om hier democratie in te voeren. De bedoeling was om hier een Joodse staat voor heel het Joodse volk te stichten, en alleen voor het Joodse volk.
Bestaat er iets ondemocratischer en discriminerender dan de Wet op de terugkeer?… Zoals u weet stelt deze wet concreet dat automatisch de nationaliteit wordt verleend aan iedere Jood die buiten het land geboren is (en dit tot in de vierde generatie). Terzelfdertijd ontzeggen wij dit recht op terugkeer aan wie hier woonde en aan hun nakomelingen… Het [toepassen van democratische principes] zou nationale zelfmoord betekenen.’

Deze even schokkende als ware woorden komen niet van de in loco (zijn rolstoel) gebombardeerde sjeik Yassin, stichter van Hamas. Evenmin komen ze uit de mond van de niet eens crypto fascistische buitenwipper Avigdor Lieberman.
Bovenstaand is een citaat uit de veelgelezen Israëlische krant Yediot Aharonot van 28 mei 1993, van de hand van Ariël Sharon. De generaal-politicus, voormalig minister van defensie en premier, stichter van de partij Kadima en aanstichter van de Tweede Intifada, dirigent van de falangistenmoord op 3000 Palestijnse vluchtelingen in Sabra en Shatila, beredder van de settlements in Palestijns gebied, korte tijd op de Belgische lijst van gezochte oorlogsmisdadigers – tot de VS ermee dreigden het Navo-hoofdkwartier uit Brussel weg te halen als de Genocidewet niet werd gewijzigd -, deze Sharon is niet de enige Israëli die af en toe vergeet zijn woorden te omzwachtelen.

Pikante uitspraken, oude en nieuwe, ontbreken niet in Jeruzalem, Oost en West. De eerste Israëlische premier en founding father David Ben Goerion, in 1956: ‘Als ik een Arabische leider was, zou ik nooit een verdrag met Israël ondertekenen. Wij hebben ze hun land afgenomen.’ Moshe Dayan, generaal en minister, in 1969: ‘Wij hebben joodse dorpen gebouwd waar daarvoor Palestijnse dorpen stonden. Er bestaat geen enkele plek in Israël waar vroeger geen Arabieren leefden.’ Ex-premier en moeder des Vaderlands, Golda Meir: ‘Er bestaat niet zoiets als een Palestijns volk in Palestina, dat heeft nooit bestaan.’

Negationisme en de intentie om te doden zijn in België bij wet verboden. Israël heeft niet eens een echte grondwet. In een geschreven grondwet namelijk wordt een land geacht zijn grenzen te omschrijven en die zijn in het geval van het “joods nationaal tehuis” zeer rekkelijk. Voor hardleerse zionisten reikt Groot-Israël van de Nijl tot de Eufraat. Een blik op de kaart leert dus dat na Palestina ook nog (grote delen van) Egypte, Jordanië, Irak, Iran, Syrië, Libanon en Turkije dienen ingepalmd te worden. Dat zouden toch pas veilige grenzen zijn?

Albert Einstein, jood en relativerend denker, schreef al in de jaren veertig: ‘De idee van een joodse staat met grenzen, een leger en een overheid, hoe beperkt ook, zal het judaïsme schaden. Ik zou liever hebben dat wij een redelijk akkoord met de Arabieren afsluiten waarin wij stellen dat wij vreedzaam naast elkaar willen leven dan dat wij een joodse staat zouden stichten.’

De joodse staat heet nu democratie. Het ontbreekt deze staat weliswaar aan democratische gezindte en aan de nodige democratische instrumenten, behalve de zogenaamd ‘vrije’ verkiezingen. Hoe vrij zijn verkiezingen als de campagne die eraan voorafgaat gevoerd wordt met bommen, tanks, bloed en fosfor? Op het grondgebied van de buren, bovendien?

In zijn nieuwe boekje over de ‘Geschiedenis van de Palestijnse tragedie’ citeert Midden-Oostenkenner Lucas Catherine uit een lang vergeten maar uiterst interessant document, het Verslag van de Plenaire Zitting van de Verenigde Naties, november 1947. Meer bepaald de Belgische vertegenwoordiger Van Langenhove sloeg toen nagels met koppen. Aan de orde was het Verdeelplan dat in mei 1948 zou leiden tot de oprichting van de staat Israël.

‘De Palestijnse kwestie grijpt ons, Belgen, ten zeerste aan. Wij hebben moeite om de bedoelingen van de zionisten te begrijpen. Onze Joodse landgenoten hebben hun nationaal tehuis bij ons in België. Niemand van ons heeft ze ooit zo behandeld dat zij een ander tehuis zouden gaan zoeken in Palestina. Tijdens de oorlog hebben zij met ons meegestreden en veel Belgen hebben hun leven gewaagd voor hun Joodse landgenoten, zodat onze nationale eenheid er versterkt uitkwam… Wij zijn helemaal niet zeker dat het verdeelplan rechtvaardig is en wij vrezen dat het vreselijke gevolgen zal hebben… Maar wat is het alternatief? Het alternatief is: geen oplossing, dat wil zeggen nog meer gevechten en nog meer chaos. Deze verantwoordelijkheid willen wij niet dragen door neen te stemmen of door ons te onthouden. Daarom zullen wij met de meerderheid stemmen.’ (UNO, 125th Plenary Session, New York, 1947, p. 1364-1366)

De regering in Brussel had nochtans vooraf laten weten dat ze zich bij de stemming zou onthouden, omdat ‘dit verdeelplan niet het hoofddoel zal bereiken, namelijk vrede in de regio’. De ommezwaai van het Belgische kabinet werd bewerkt door de socialist Camille Huysmans, minister van onderwijs en notoir lid van de zionistische lobby. De Belgische socialisten steunden totterdood de Israëlische Arbeiderspatij, die een open doekje retourneerde aan Huysmans: ‘Zijn steun bereikte een hoogtepunt tijdens de strijd voor de oprichting van de staat. Dankzij zijn inspanningen stemde de Belgische regering voor ons op de Algemene Vergadering van 29 november 1947.’

Al vanaf 1924, schrijft Catherine, werden er vanuit België wapens gesmokkeld naar de kolonisten in Palestina, met medeweten van socialistische politici als Camille Huysmans. De zionisten maakten hierbij gretig gebruik van de socialistische ‘internationale solidariteit onder alle arbeiders.’

In de Staat Israël is het politieke zwaartepunt almaar meer opgeschoven. Rechts heeft niet voor het eerst de verkiezingen gewonnen en Tzipi Livni leidt vermoedelijk de nieuwe regering. Volgens minister van Buitenlandse Zaken De Gucht is zij weliswaar ‘een harde tante, maar een die door heeft waar het compromis ligt’. Het is niet duidelijk waar de minister het tweede lid van zijn oordeel op baseert. Voor ze in de politiek ging, was Tzipi Livni een spion van de Mossad, meer bepaald van de afdeling ‘eliminating Palestinians abroad’. Dat beroep heeft ze van geen vreemden, haar vader deed hetzelfde voor de joodse terreurorganisatie Irgun in de jaren veertig. Zijn de familiezeden er sedertdien op vooruit gegaan? Reuven Adler, de spindoctor van Livni’s ‘compromisbereide’ Kadima-partij geeft als advies: ‘Dood zoveel mogelijk Arabieren en praat intussen zoveel mogelijk over vrede.’

Lees vooral Akiva Eldars laatste paragraaf.
http://www.haaretz.com/hasen/spages/1063153.html

Voor de Palestijnen maakt het nauwelijks iets uit, maar fatsoenlijke Israëli’s hebben last met de jongste ontwikkelingen. ‘Links in Israël is dood. Het Zionisme is compleet in handen van rechts gerold’, constateert Gideon Levy, ook in Haaretz.
http://www.haaretz.com/hasen/spages/1063597.html

* Lucas Catherine & Charles Ducal, Gaza, Geschiedenis van de Palestijnse tragedie, Berchem, EPO, 15 euro
(Waaruit moge blijken dat het Zionisme allang in handen van rechts was.)


februari 14, 2009 at 10:02 pm Plaats een reactie

Gaza en wij

dantefire3

Naast de reeds eerder vermelde, hier nog enkele bij de keel grijpende reacties op de barbarij in Gaza.

OPERATIE LOOD BLIJFT ONGESTRAFT

door Eduardo Galeano

Citaat:

De zogenaamde internationale gemeenschap, bestaat die? Is die iets meer dan een club van handelaars, bankiers en oorlogstokers? Is die iets meer dan een artistieke naam die de Verenigde Staten gebruikt wanneer het theater wil spelen?

Nu de tragedie van Gaza zich afspeelt, zie je nogmaals de wereldwijde schijnheiligheid. Zoals altijd is er onverschilligheid, lege toespraken, lege verklaringen, hoogdravende declamaties, dubbelzinnige houdingen en die zijn een hulde aan de heilige straffeloosheid.

http://vl.attac.be/article1281.html

GEEN PLAATS VOOR DE DODEN, GEEN OPLOSSING VOOR GAZA

Door ‘een onbetekenende communist die er nooit geweest is’.

Citaat:

Het is menselijk om een oplossing te zoeken, een uitweg uit de gruwels die we zien, ook al zien we ze enkel op Al Jazeera. Welke oplossing beeldt de jonge betoger in Londen zich in als hij macht voor Hamas eist? En die andere betoger, welke soort ‘vrede’ denkt hij dat Israel zal opleggen? De hel van een wereld gedreven door de waardewet is zo dat we ons niets anders kunnen dromen. Ideeen zijn zo populair als de hoeveelheid kapitaal die achter hen staat, de vloedgolf van nationalisme, anti-semitisme en islamofobie is dus niet verbazingwekkend. Als we er niet van dromen om de joden in de zee te drijven of om een groter Israel te vestigen, dan schiet er niets meer over dan dromen van meer oorlog, meer werk, meer honger, meer rassen en naties enzovoort tot in het oneindige…

http://www.lettersjournal.org/blog/archives/3

februari 5, 2009 at 3:21 am Plaats een reactie

TERREUR IN GAZA

Gaza

Nu Israel in Gaza eens te meer bewijst dat de ergste terroristen geen prive-groepen zijn maar staten, geef ik graag het woord aan een Israelier met gezond verstand, ook al ben ik het niet altijd met hem eens (ik vind hem bijvoorbeeld te mild tegenover Hamas). Sorry dat ik geen tijd had om het te vertalen maar dit is simpel Engels. Daarna geef ik het woord aan een Vlaming met gezond verstand.

ISRAEL IS DEZE OORLOG AAN HET VERLIEZEN

door  Uri Avnery

NEARLY SEVENTY YEARS ago, in the course of World War II, a heinous crime was committed in the city of Leningrad. For more than a thousand days, a gang of extremists called “the Red Army” held the millions of the town’s inhabitants hostage and provoked retaliation from the German Wehrmacht from inside the population centers. The Germans had no alternative but to bomb and shell the population and to impose a total blockade, which caused the death of hundreds of thousands.

Some time before that, a similar crime was committed in England. The Churchill gang hid among the population of London, misusing the millions of citizens as a human shield. The Germans were compelled to send their Luftwaffe and reluctantly reduce the city to ruins. They called it the Blitz.

This is the description that would now appear in the history books – if the Germans had won the war. Absurd? No more than the daily descriptions in our media, which are being repeated ad nauseam: the Hamas terrorists use the inhabitants of Gaza as “hostages” and exploit the women and children as “human shields”, they leave us no alternative but to carry out massive bombardments, in which, to our deep sorrow, thousands of women, children and unarmed men are killed and injured.

IN THIS WAR, as in any modern war, propaganda plays a major role. The disparity between the forces, between the Israeli army – with its airplanes, gunships, drones, warships, artillery and tanks – and the few thousand lightly armed Hamas fighters, is one to a thousand, perhaps one to a million. In the political arena the gap between them is even wider. But in the propaganda war, the gap is almost infinite. Almost all the Western media initially repeated the official Israeli propaganda line. They almost entirely ignored the Palestinian side of the story, not to mention the daily demonstrations of the Israeli peace camp. The rationale of the Israeli government (“The state must defend its citizens against the Qassam rockets”) has been accepted as the whole truth. The view from the other side, that the Qassams are a retaliation for the siege that starves the one and a half million inhabitants of the Gaza Strip, was not mentioned at all.

Only when the horrible scenes from Gaza started to appear on Western TV screens, did world public opinion gradually begin to change. True, Western and Israeli TV channels showed only a tiny fraction of the dreadful events that appear 24 hours every day on Aljazeera’s Arabic channel, but one picture of a dead baby in the arms of its terrified father is more powerful than a thousand elegantly constructed sentences from the Israeli army spokesman.
And that is what is decisive, in the end.

War – every war – is the realm of lies. Whether called propaganda or psychological warfare, everybody accepts that it is right to lie for one’s country. Anyone who speaks the truth runs the risk of being branded a traitor. The trouble is that propaganda is most convincing for the propagandist himself. And after you convince yourself that a lie is the truth and falsification reality, you can no longer make rational decisions.

An example of this process surrounds the most shocking atrocity of this war so far: the shelling of the UN Fakhura school in Jabaliya refugee camp. Immediately after the incident became known throughout the world, the army “revealed” that Hamas fighters had been firing mortars from near the school entrance. As proof they released an aerial photo which indeed showed the school and the mortar. But within a short time the official army liar had to admit that the photo was more than a year old. In brief: a falsification. Later the official liar claimed that “our soldiers were shot at from inside the school”. Barely a day passed before the army had to admit to UN personnel that that was a lie, too. Nobody had shot from inside the school, no Hamas fighters were inside the school, which was full of terrified refugees.

But the admission made hardly any difference anymore. By that time, the Israeli public was completely convinced that “they shot from inside the school”, and TV announcers stated this as a simple fact. So it went with the other atrocities. Every baby metamorphosed, in the act of dying, into a Hamas terrorist. Every bombed mosque instantly became a Hamas base, every apartment building an arms cache, every school a terror command post, every civilian government building a “symbol of Hamas rule”. Thus the Israeli army retained its purity as the “most moral army in the world”.

THE TRUTH is that the atrocities are a direct result of the war plan. This reflects the personality of Ehud Barak – a man whose way of thinking and actions are clear evidence of what is called “moral insanity”, a sociopathic disorder. The real aim (apart from gaining seats in the coming elections) is to terminate the rule of Hamas in the Gaza Strip. In the imagination of the planners, Hamas is an invader which has gained control of a foreign country. The reality is, of course, entirely different. The Hamas movement won the majority of the votes in the eminently democratic elections that took place in theWest Bank, East Jerusalem and the Gaza Strip. It won because the Palestinians had come to the conclusion that Fatah’s peaceful approach had gained precisely nothing from Israel – neither a freeze of the settlements, nor release of the prisoners, nor any significant steps toward ending the occupation and creating the Palestinian state. Hamas is deeply rooted in the population – not only as a resistance movement fighting the foreign occupier, like the Irgun and the Stern Group in the past – but also as a political and religious body that provides social, educational and medical services. From the point of view of the population, the Hamas fighters are not a foreign body, but the sons of every family in the Strip and the other Palestinian regions. They do not “hide behind the population”, the population views them as their only defenders.

Therefore, the whole operation is based on erroneous assumptions. Turning life into living hell does not cause the population to rise up against Hamas, but on the contrary, it unites behind Hamas and reinforces its determination not to surrender. The population of Leningrad did not rise up against Stalin, any more than the Londoners rose up against Churchill.

He who gives the order for such a war with such methods in a densely populated area knows that it will cause dreadful slaughter of civilians. Apparently that did not touch him. Or he believed that “they will change their ways” and “it will sear their consciousness”, so that in future they will not dare to resist Israel. A top priority for the planners was the need to minimize casualties among the soldiers, knowing that the mood of a large part of the pro-war public would change if reports of such casualties came in. That is what happened in Lebanon Wars I and II. This consideration played an especially important role because the entire war is a part of the election campaign. Ehud Barak, who gained in the polls in the first days of the war, knew that his ratings would collapse if pictures of dead soldiers filled the TV screens. Therefore, a new doctrine was applied: to avoid losses among our soldiers by the total destruction of everything in their path. The planners were not only ready to kill 80 Palestinians to save one Israeli soldier, as has happened, but also 800. The avoidance of casualties on our side is the overriding commandment, which is causing record numbers of civilian casualties on the other side. That means the conscious choice of an especially cruel kind of warfare – and that has been its Achilles heel.

A person without imagination, like Barak cannot imagine how decent people around the world react to actions like the killing of whole extended families, the destruction of houses over the heads of their inhabitants, the rows of boys and girls in white shrouds ready for burial, the reports about people bleeding to death over days because ambulances are not allowed to reach them, the killing of doctors and medics on their way to save lives, the killing of UN drivers bringing in food. The pictures of the hospitals, with the dead, the dying and the injured lying together on the floor for lack of space, have shocked the world. No argument has any force next to an image of a wounded little girl lying on the floor,twisting with pain and crying out: “Mama! Mama!”

The planners thought that they could stop the world from seeing these images by forcibly preventing press coverage. The Israeli journalists, to their shame,agreed to be satisfied with the reports and photos provided by the Army Spokesman, as if they were authentic news, while they themselves remained miles away from the events. Foreign journalists were not allowed in either, until they protested and were taken for quick tours in selected and supervised groups. But in a modern war, such a sterile manufactured view cannot completely exclude all others – the cameras are inside the strip, in the middle of the hell, and cannot be controlled. Aljazeera broadcasts the pictures around the clock and reaches every home.

THE BATTLE for the TV screen is one of the decisive battles of the war. Hundreds of millions of Arabs from Mauritania to Iraq, more than a billion Muslims from Nigeria to Indonesia see the pictures and are horrified. This has a strong impact on the war. Many of the viewers see the rulers of Egypt, Jordan and the Palestinian Authority as collaborators with Israel in carrying out these atrocities against their Palestinian brothers. The security services of the Arab regimes are registering a dangerous ferment among the peoples. Hosny Mubarak, the most exposed Arab leader because of his closing of the Rafah crossing in the face of terrified refugees, started to pressure the decision-makers in Washington, who until that time had blocked all calls for a cease-fire. These began to understand the menace to vital American interests in the Arab world and suddenly changed their attitude -causing consternation among the complacent Israeli diplomats. People with moral insanity cannot really understand the motives of normal people and must guess their reactions. “How many divisions has the Pope?” Stalin sneered. “How many divisions have people of conscience?” Ehud Barak may well be asking. As it turns out, they do have some. Not numerous. Not very quick to react. Not very strong and organized. But at a certain moment, when the atrocities overflow and
masses of protesters come together, that can decide a war.

THE FAILURE to grasp the nature of Hamas has caused a failure to grasp the predictable results. Not only is Israel unable to win the war, Hamas cannot lose it. Even if the Israeli army were to succeed in killing every Hamas fighter to the last man, even then Hamas would win. The Hamas fighters would be seen as the paragons of the Arab nation, the heroes of the Palestinian people, models for emulation by every youngster in the Arab world. The West Bank would fall into the hands of Hamas like a ripe fruit, Fatah would drown in a sea of contempt, the Arab regimes would be threatened with collapse. If the war ends with Hamas still standing, bloodied but unvanquished, in face of the mighty Israeli military machine, it will look like a fantastic victory, a victory of mind over matter. What will be seared into the consciousness of the world will be the image of Israel as a blood-stained monster, ready at any moment to commit war crimes and not prepared to abide by any moral restraints. This will have severe  consequences for our long-term future, our standing in the world, our chance of achieving peace and quiet. In the end, this war is a crime against ourselves too,a crime against Israel.

—————————————————————————————————–

OVER COMPLOTTEN EN LOBBY’S

door Jef Coeck

Toen weken geleden de hel losbarstte in Gaza vroeg ik me af hoelang het zou duren voor we nog eens van het Diabolisch Complot zouden horen. Ik werd op mijn wenken bediend door het blad van linkse zionisten in de States:

They speak of ‘sons of pigs and apes’ and ‘dejjal’ and ‘jihad’ and ‘Protocols of the Elders of Zion’ and apocalyptic struggles against Jews(The New Republic, December 29).

http://www.tnr.com/politics/story.html?id=a7021eb2-8e4b-49fd-beac-0ad338245178

‘They’ staat voor Palestinians, in dit geval Hamas. Verderop gaat het nog over ‘sentimental journalists’, dat zijn reporters die het niet kunnen laten te berichten over dode kindjes en huilende vrouwen. Onvermeld bleef het feit dat Hamas, met Handvest en al, in de jaren tachtig is opgericht met de op zijn minst stilzwijgende instemming van de Mossad en de CIA.

Zoveel is duidelijk: het blad TNR maakt deel uit van een verzameling zionistische zeloten, die ervoor zorgen dat Israël zijn status van kleine David behoudt en verzilvert. Reus Goliath is dan de boze buitenwereld, die kritiek heeft op de al jaren aan gang zijnde ‘ethnic cleansing’ in Gaza en de andere bezette Palestijnse gebieden.

Vormen de veelvuldige pro-Israël ijveraars een netwerk, een lobby, of is er sprake van een heus complot? Dat valt niet in een handomdraai te overzien.

Eerst, de Protocollen van de Wijzen van Zion. Wat zijn daar al pennen over gebroken, monden mee gesnoerd en bomen voor geveld. De jongste mij bekende boekpublicatie over het onderwerp is de Nederlandse editie van ‘The Plot. The Secret Story of the Protocols of the Elders of Zion’, een graphic novel van Will Eisner.

In beeld en tekst wordt omstandig de geschiedenis van de Protocollen uiteengezet. Samenvatten is niet simpel. Het betrof een complot achter een vermeend complot, een internationale samenzwering, politiek en tegelijk filosofisch van aard, opgezet door de Russische geheime dienst maar feitelijk bedacht door een obscure Franse schrijver, met als uiteindelijk gevolg de moord op de Romanovs hoewel de facto de val van het Franse Second Empire was beoogd.

De vermeende ‘Wijzen’ zouden eind 19de eeuw een directoraat van joodse autocraten hebben gevormd, om de algehele wereldheerschappij te vestigen. De ‘Protocollen’ waren dan zogenaamd de neerslag van een geheime vergadering, waarop de plannen in extenso werden uiteengezet: politiek, economisch, cultureel, justitieel, militair. Alles overgoten met een onverkapt antisemitisch jargon.

Ook in de 20ste eeuw duikt de Protocol-fabricatie geregeld op, ondanks de ontmaskering ervan door de Londense Times in 1921. Winston Churchill, Henry Ford, Joseph Goebbels, ze bedienden zich allen van de complottheorie om de joden in een kwaad daglicht te plaatsen – of erger. Maar ook na WO II met zijn kampen en shoa, kon de leugen niet worden onderdrukt. De Protocollen werden als ‘document vérité’ heruitgegeven, van het Verre Oosten over Vaticaanstad tot Latijns-Amerika. In de VS zijn ze verspreid door onder meer de Ku Klux Klan en in de Arabische wereld door de Moslim Broederschap.

Umberto Eco schrijft inleidend bij het boek van Eisner: ‘Het is alsof er na Copernicus, Galileo en Kepler nog steeds boeken verschijnen waarin beweerd wordt dat de zon om de aarde draait.’

Niet enkel rauwe antisemieten maar ook verdedigers van de zionistische zaak en/of de staat Israël gebruiken de Protocollen als een referentiedocument. Afkeurend, waarschuwend. Als ultieme vernedering en vernietiging, als verdachtmaking, zonder toelichting of uitweiding. Zie nogmaals TNR. Het volstaat kennelijk om het woord ‘Protocollen’ of Complot te lanceren in de richting van een tegenstander, om van hem/haar de baarlijke duivel te maken.

Dat mochten ook de professoren John Mearsheimer (Chicago) en Stephen Walt (Harvard) ondervinden. In 2006 verscheen van hun hand in de London Review of Books een doorwrochte studie onder de titel ‘The Israel Lobby’.

http://www.lrb.co.uk/v28/n06/mear01_.html

De genoemde lobby bevestigde, voor zover nodig, zijn bestaan met een boycot, een poging tot broodroof en een scheldcampagne tegen de auteurs. Met name de AIPAC (American Israel Public Affairs Committee) en de ADL (Anti-Defamation League) waren creatief in het ontdekken van een nieuw antisemitisch complot.

M&W hadden nochtans geen bizarre theorieën ontwikkeld of geheimzinnige ‘joodse invloeden’ onthuld. Zij hadden een overzicht gegeven van de opmerkelijke materiële en diplomatieke steun van de VS aan Israël en vastgesteld dat ‘deze steun niet geheel kon worden verklaard uit strategische dan wel morele overwegingen’. Die steun was ‘grotendeels wel te verklaren uit de politieke macht van de Israëllobby’.

Het hoge woord is eruit. Wat is een Israëllobby? M&W: ‘Een los verband van personen en groepen dat ernaar streeft het Amerikaanse buitenlandse beleid te beïnvloeden op een manier die Israël ten goede komt (…) [personen en groepen] speelden ook een sleutelrol in de vormgeving van het Amerikaanse beleid in het Israëlisch-Palestijns conflict, de moeizame invasie in Irak en de voortdurende confrontaties met Syrië en Iran.’

Aangevoerd kan worden dat dit allemaal nog niet illegaal en misschien zelfs legitiem is, ware het niet dat: ‘Wij stelden vast dat dit beleid het nationale belang van de VS niet diende en dat het bovendien schadelijk was voor de Israëlische belangen op lange termijn.’ De twee politicologen waren tot dit inzicht gekomen na een lange wetenschappelijke studie, waar inzage van de bronnen is aan toegevoegd.

In tegenstelling tot de Wijzen van Zion bestaat de Israëllobby dus écht. Het is een netwerk van niet enkel joods-Amerikaanse organisaties, maar ook christelijke fundamentalisten en neoconservatieve ideologen. Ze worden met naam en toenaam geopenbaard – zie de meer dan 100 pagina’s noten en register bij de uiteindelijke publicatie. Want ondanks systematische tegenkanting van onder meer uitgeverszijde, maakten Mearsheimer en Walt na verder onderzoek van hun aanvankelijke paper een boek van ruim 500 pagina’s. Het belandde onmiddellijk in de bestsellerslijsten, mede dankzij de ongewilde publiciteit.

Dat brengt mij tot de hamvraag: wat is een complot? Alvast 3,2 miljoen hits via Google. Ik ben een aanhanger van de Eco-theorie. Niet in zijn inleiding bij Eisner maar in het nu al twintig jaar oude ‘De slinger van Foucault’ heeft Eco het even lapidair als ironisch omschreven: ‘Er bestaat een geheime club met vertakkingen over de gehele wereld, die samenspant om het gerucht te verspreiden dat er een universeel komplot bestaat.’

Geheim, gerucht, universeel, dat zijn de sleutelwoorden. De angst ervoor is waarschijnlijk erger dan het ding zelf. Een complot is grotendeels perceptie, the Medium is the Message. Een complot bestaat dus eigenlijk alleen, of grotendeels, bij de gratie van zijn onthulling. Dat roept meer vragen op dan het er beantwoordt. Hoeveel echte complotten zijn nooit bekend geraakt? Hoeveel fictieve samenzweringen zijn ons in de maag gesplitst?

Is er meer dan een graadverschil tussen Lobby, Netwerk en Complot? Of, waarom niet, Loge, Sekte, Maffia? En wat is het complotgehalte van Facebook? Waarom worden complotten altijd ‘onthuld’ en heten netwerken ‘sociaal’? Daarin zit dus een/het verschil. Netwerkers en lobbyisten houden zich aan de bestaande ‘democratische’ wetten.

Comploteurs ontduiken de wetten, kapen ze of zetten ze naar hun hand. Ze schuwen geen schending van de mensenrechten. Ze maken zich schuldig of medeplichtig aan moord, marteling, vernedering van mensen.

‘De mens’, schreef Machiavelli, ‘is meer geneigd tot het kwade dan tot het goede, vrees en dwang beheersen hem meer dan de rede.’ (Geciteerd in de Protocollen zoals weergegeven door Will Eisner.)

Dat hebben al die half-openbare tot heel-geheime structuren met elkaar gemeen, ze zijn op zijn minst voor een deel opgetrokken uit menselijke slechtheid. Sommige complotten noemen zich gewoon Regering. Land. Of heilig.

(14 januari)

——-
* Will Eisner, Het Complot/Het verborgen verhaal achter de Protocollen van de Wijzen van Zion, 156 blz., Atlas, 2008
* John J. Mearsheimer & Stephen M. Walt, De Israëllobby, 560 blz., Atlas, 2007

januari 16, 2009 at 4:49 am 2 reacties

Gelukkig Nieuwjaar

 

Dat 2009 een spannend jaar wordt, weten we al. Natuurlijk koester ik het verlangen dat het voor u en mij ook een leuk en inspirerend jaar wordt. Bent u er klaar voor?

december 30, 2008 at 8:08 pm 1 reactie

ONZE HITLER

Het lijden van Congo tart de verbeelding. Vorige week nog vermoordde een Oegandese legerbende er een paar honderd dorpelingen. De conflicten die er sinds halverwege de jaren ’90 woeden, hebben al aan meer dan 5 miljoen mensen het leven gekost. De meesten van hen stierven door honger en ziekte, veroorzaakt door de ontwrichting van hun overlevingsmechanismen door de gangsterpraktijken van diverse legerbenden die elk hun deel opeisen van de winst die de plundering van Congo blijft opleveren. Conflict is er niet langer een verstoring van de normaliteit, het is de normaliteit geworden. Congo toont de prijs die in de periferie van de globale sociale orde betaald wordt voor het in stand houden van een historisch achterhaald, op winst gestoeld economisch systeem. Congo is een waarschuwing voor onze toekomst.

Er zijn de laatste tijd verschillende boeiende reportages verschenen in de pers over de dagelijkse strijd om te overleven in Congo. Een die me bijzonder getroffen heeft, legt uit hoe een primitief mijnwerkersgehucht, ‘ver van de beschaving’, waar tin wordt gedolven met werkinstrumenten die duizend jaar geleden al werden gebruikt, verbonden is met de globale economie en met de oorlogen die in Congo woeden. U kan ze lezen door deze link te volgen:

http://www.nytimes.com/2008/11/16/world/africa/16congo.html?_r=1&scp=1&sq=%22Congo%27s%20riches%22&st=cse

Omdat tin tegenwoordig gebruikt wordt voor solderingen in electronische apparatuur, is de globale vraag ernaar scherp gestegen. Het artikel legt in detail uit hoe de ontginning van tin-erts door extreem uitgebuite mijnwerkers kapitaal doet ontstaan waarvan legerbenden en andere commerciele tussenpersonen elk hun deel afromen alvorens de tin in onze mobieltjes en laptops terecht komt. Een centrale figuur in het New York Times-artikel is de locale oorlogsheer, kolonel Matumbo. Hij is een ex-Mai Mai die gelooft in primitieve magie (die hem onkwetsbaar zou maken) maar die in praktijk in de eerste plaats een commercant is, een schakel in de cyclus van kapitaal.

Winsthonger is de drijfveer achter Congo’s ellende. Dat is natuurlijk niets nieuw; dat was al zo toen Congo nog het persoonlijk wingewest was van Leopold II. De pneumatische band was net uitgevonden waardoor rubber fabelachtige winsten opleverde. Voor die winst plunderde de Belgische koning de bevolking van Congo even meedogenloos als haar natuurlijke rijkdommen. Zijn doodseskaders vermoordden iedereen die in de weg stond of niet hard genoeg werkte. Volgens sommige schattingen kostte zijn terreurregime aan meer dan 10 miljoen Congolezen het leven. Sommigen noemden het een Afrikaanse holocaust, geregisseerd door onze Hitler, Leopold II.

Ik weet wel dat de vergelijking niet perfect opgaat. Hitler wou de joden uitroeien terwijl het niet Leopolds doel was om Congolezen uit te roeien. Dat kon hem niet schelen, het ging hem enkel om de winst. Maar voor die winst heeft hij wel meer Congolezen de dood ingejaagd dan Hitler joden. Leopold heeft ook enkele positieve dingen gedaan, zullen sommigen opmerken. En wat dan nog? Hitler liet ook autowegen aanleggen.

de-dank-der-congolezen1

De winnaars schrijven de geschiedenis. Er zijn geen Hitler-standbeelden in Duitsland –stel je voor. Maar in Belgie stikt het nog van standbeelden en andere eerbetuigingen voor Leopold die ook een monster was. Dat doet me denken aan afgelopen lente, toen ik een week in Oostende verbleef, waar ik vaak passeerde langs een protserig ruiterstandbeeld dat onze Hitler voorstelt als de grote weldoener van de ‘zwartjes’. Een zijgroep van beelden aan de voeten van de vorst heet zelfs Dank der Congolezen. Als ik de kans en de moed zou hebben gehad, zou ik er met plezier een bom onder gelegd hebben. Pas later werd ik me er bewust van dat anonieme durvers in 2004 de hand van een van die ‘dankbare’ Congolezen hadden afgezaagd. Dat maakte het monument al een stuk realistischer want Leopolds trawanten lieten inderdaad de hand afhakken van Congolezen die hun rubberquota niet haalden. Collega Douglas De Coninck die de beeldencorrigeerders interviewde, werd later nog lastig gevallen door het parket. Heeft de Belgische staat dan geen enkel schaamtegevoel? Straks, als we oudejaar vieren, wil ik het glas heffen op de De Stoeten Ostendenoare, de actiegroep die het beeld corrigeerde. Moge jullie voorbeeld tot navolging strekken!

———————————————————————————————-

Who pays the ferryman?


door Jef Coeck

Als ik goed geïnformeerde vrienden en collega’s mag geloven – en dat mag ik – is Oost-Congo een hel waarbij die van Dante verbleekt. De oorzaak is, zoals je terecht aangeeft, die winsthonger in verleden, heden en naar te vrezen valt ook toekomst.
Leopold Hitler mag er dan al mee begonnen zijn, sedert zijn verscheiden hebben ongeveer alle ‘beschaafde’ naties en corporaties zich volgevreten aan ’s lands rijkdom. Op dit moment zijn onder meer Chinezen en Amerikanen aan de beurt, inclusief onbeschroomd gebruik/misbruik van lokale staatshoofden, warlords, kindsoldaten, verkrachte vrouwen en andere lijfeigenen maar ook buitenlandse journalisten, schrijvers, Belgische politici. En wie weet, worden onze schaarse spaarcentjes niet aangewend om bloeddiamanten en geroofd coltan te verhandelen? ‘Who pays the ferryman?’, luidt de vraag, die rethorisch zal klinken voor een inwoner van Staten Island.
Jarenlang was Oost-Congo in de stilte van het graf gehuld, op een eenzaam boek over het onderwerp na. De jongste maanden is daar verandering in gekomen, mede dankzij de onvermoeibare inzet van actievoerders in België en elders. Maar ook niet onbelangrijk lijkt mij de beslechting van de kiesstrijd in de VS. De aandacht van onder meer Amerikaanse media kan zich nu ongestoord op de rest van de wereld richten. Vanwege de half-Afrikaanse president-elect verdient Afrika kennelijk een bonus in kolommen en journaals. Uitgerekend op dit moment meldt zich weer Herman J. Cohen, gewezen Amerikaans diplomaat en Afrikakenner. Hij was in dienst van de presidenten Reagan en Bush sr. en van de Wereldbank. En verdomd als het niet waar is, onder zijn vele internationale eretekens vinden we ook de Belgische ‘Orde van Leopold II’ vermeld.
Dit roept om een parenthese, laat het een quote zijn van Randy Newman.
Uit zijn song A Few Words in Defense of Our Country: ‘Hitler, Stalin, Men who need no introduction. King Leopold of Belgium, that’s right. Everyone thinks he’s so great, Well he owned the Congo and he tore it up too. He took the diamonds, he took the silver, he took the gold. You know what he left them with? Malaria.’
Herman J. Cohen stelt voor dat president Obama een speciale gezant benoemt (Cohen?) met als opdracht het installeren van een Oost-Afrikaanse Gemeenschappelijke Markt, bestaande uit zes landen van de regio: Rwanda, Burundi, Congo, Tanzania, Kenia, Uganda. De natuurlijke handelswegen, zegt Cohen, leiden niet naar de Atlantische maar naar de Indische Oceaan (Mombassa?).
Zover valt de redenering moeiteloos te volgen. Maar dan begint het utopische gedeelte. De opbloeiende handel in Oost-Afrika zal, in de slipstream van Cohens masterplan, de oorlogen stoppen, de vluchtelingen uit hun kampen halen en aan het werk zetten, de legerbendes ontwapenen, de grondontginning reguleren, de etnische fricties wegmasseren, de regeringen stabiliseren, kortom Afrika pacificeren.
Wat nu? Het is toch pas als je vrede en veiligheid verworven hebt, dat je mensen werk, voedsel, een dak boven het hoofd, scholen, wegen en medische zorgen kunt verschaffen? Worden hier niet enkele stapjes overgeslagen? Of worden middel en doel verward?
Mij lijkt Cohen in dezelfde denkfout te vallen als Fukuyama en andere (ex-)neocons over Irak: als we maar de weg vrijmaken voor de Vrije Markt wordt het land en de hele regio vanzelf een Democratisch Paradijsje. Mis. En stel dat we toch willen geloven in de utopie, moeten er dan niet eerst enkele ‘Saddams’ verwijderd worden, in Oost-Congo om te beginnen? Intussen tikt de teller, Five Million Dead and Counting zoals Slate half november rapporteerde.
In België is de zaak-Congo nu beland op het niveau waartoe sinds de 800.000 ‘blanco-stemmen voor Leterme’ -dixit Luc Huyse- alles vanzelf wordt herleid: politieke vaudeville, of in dit geval eerder Grand Guignol.
Hoe zal de Afrikapolitiek – if any – van Obama eruit gaan zien, met Hillary Clinton op Buitenlandse Zaken, Susan Rice in de VN en Herman Cohen als fanatic ferryman?

Jef Coeck

Het boek waar ik hierboven naar verwees is:
Walter Zinzen, Kisangani verloren stad, Uitgeverij Van Halewyck, 2004

http://www.nytimes.com/2008/12/16/opinion/16cohen.html?emc=eta1

december 30, 2008 at 7:49 pm 3 reacties

STAREN IN ZWART WATER

De nabije toekomst van de wereldeconomie voorspellen is als staren in een inktzwart meer en raden hoe diep het water is. Heel, heel erg diep, zoveel is zeker. Maar niemand weet hoeveel fictief kapitaal er nog verborgen is en hoeveel ervan verdwijnen moet vooraleer de economie voldoende ontlast is om op adem te komen. Voorlopig heeft de crisis, hier in de VS alleen al, 15 biljoen dollars[i] verslonden, en nog biljoenen meer in de rest van de wereld. En het einde is niet in zicht. Zoals een lawine die alles op haar pad vernielt en in haar rush naar omlaag steeds groter wordt, wordt de schulden-deflatie met de tijd steeds verwoestender want haar effecten –dalende prijzen, ineenstortende waarden, spreidende bankroeten, geconstipeerde kredietmarkten, stijgende werkloosheid- versterken elkaar.

Veel keuzemogelijkheden hebben onze regeerders niet. Een optie, die misschien vanuit abstract economisch standpunt het meest logisch zou zijn, is om min of meer niets doen. Hier en daar een pleister plakken maar voor de rest de bevolking aanmanen om op de tanden te bijten en geduldig te wachten tot de lawine de bodem heeft bereikt. Een crisis is per slot van rekening een moment van correctie en als die correctie zich niet mag voltrekken, zal het onderliggende probleem niet verdwijnen. Maar de crisis is geen precies chirurgisch instrument dat de zieke delen wegsnijdt en de gezonde delen onaangetast laat. De krimpende markt, de dalende winstvoet en het verkrampt krediet, treffen iedereen. Geen sector die zegt, ‘ons hoef je niet te helpen, wij gooien ons wel op de brandstapel’. En geen staat kan er vertrouwen in hebben dat ze voldoende controle heeft over haar bevolking om zo’n ontwrichtend proces lijdzaam te laten gebeuren zonder grote sociale omwoelingen te riskeren. Griekenland is een teken aan de wand. Wat daar onlangs gebeurde bleef eigenlijk nog vrij beperkt maar toch… als dit een voorproefje was, zal de maaltijd de heren en dames regeerders niet smaken.

De risico’s zijn te groot voor de laissez faire-optie, zelfs in een gematigde versie. Overal zullen regeringen wanhopig proberen om de crisis in te dijken. Maar de vraag is of ze daartoe nog de nodige middelen hebben.

De beperkte reikwijdte van monetaire maatregelen is al pijnlijk duidelijk geworden. Zelfs een rentevoet van nul is niet laag genoeg om het krediet weer te doen stromen als er geen vertrouwen in morgen is. Zelfs als Fed-voorzitter Ben Bernanke vanuit een helicopter dollarbriefjes zou gooien naar de consumenten, zoals hij ooit half-grappend zei dat hij zou doen in een deflatiecrisis, dan nog zouden de meeste mensen zo weinig mogelijk uitgeven, vanwege hun bange onzekerheid en de waarschijnlijkheid dat ze geld uitsparen door aankopen uit te stellen. Om dezelfde reden zou ook belastingsvermindering niet veel impact hebben. Het kan hoogstens een fractie van de verloren koopkracht compenseren en zou het economisch gedrag niet wezenlijk veranderen en dus ook het vertrouwen niet herstellen. Al wat er dan overblijft zijn directe overheidsuitgaven: openbare werken, sociale programma’s, subsidies aan bedrijven. Maar die zouden werkelijk massief moeten zijn om enig verschil te maken. Obama zegt dat hij klaar is om de wereld op dat pad te leiden. “We kunnen ons geen zorgen maken over het begrotingstekort. We moeten zeker maken dat het stimulus-plan groot genoeg is om de economie weer op gang te trekken”, zei hij op een recente persconferentie. De voorspelling dat het Amerikaanse begrotingstekort in 2009 meer dan een biljoen dollar zou bedragen, deed sommigen naar adem snakken. Maar een biljoen dollar is eigenlijk belachelijk weinig in vergelijking met de koopkracht die al verdampt is en deze die op korte termijn nog verdwijnen zal. Mijn vermoeden is dan ook dat het Amerikaanse begrotingstekort veel hoger zal blijken en dat ook de Europese begrotingstekorten de huidige projecties ruim zullen overtreffen. Dat zal niet anders kunnen als men de deflatoire lawine wil vertragen, laat staan tegenhouden.

De omstandigheden creeren wel ruimte voor een massieve reflatiepolitiek geleid door de VS. Omdat de barometer op deflatie staat, is er geen gevaar dat die op korte termijn de inflatie zal doen opflakkeren. De deflatiegolf heeft nog andere gunstige neveneffecten voor de sterkste landen. Omdat ze de zwakste concurrenten het eerst en het hardst treft, verlaagt ze de import-rekening voor het westen en Japan.[ii] De productiekosten (lonen, energie, grondstoffen) dalen zienderogen, ondanks Opecs productiebeperking. Sommige bedrijven kunnen zich versterken in de crisis, door zwakkere concurrenten voor een prikje op te kopen of hun markt in te pikken. Dat zijn tegentrends waar een reflatiepolitiek op zou kunnen steunen om de lawine te stoppen. Nog steeds is het enkel de VS die een mondiale reflatie kan lanceren, de dollar is nog steeds het wereldgeld.De enige reden waarom de VS, ondanks zijn afgrijselijke schuldpositie, dit nog kan is dat het ervan kan uitgaan dat Aziatisch, Europees, Arabisch en natuurlijk ook Amerikaans kapitaal niet zal ophouden om de schuldcertificaten te kopen die zijn uitgaven dekken, ongeacht hoe wild die ook worden. Niemand heeft een alternatief voor het handelspatroon waarin de wereldeconomie vergroeid is: Amerika zal, meer dan ooit, boven zijn middelen leven en zijn handelspartners kunnen niet anders dan dit financieren, gezien hun afhankelijkheid van de Amerikaanse markt en de vrees om de waarde van hun eigen dollar-reserves te zien wegsmelten. Bovendien elimineert de tendens van kapitaalbezitters om in dit onzeker klimaat een veilige haven te zoeken, weg te blijven van productieve investeringen en te parkeren in schatkistobligaties ook al brengen ze bijna niets op, op korte termijn het gevaar van kapitaalvlucht uit de VS die het zouden dwingen om zijn eigen reflatiepolitiek met stijgende rentevoeten in de grond te boren.

Dit alles maakt het waarschijnlijk dat de VS een reflatiepolitiek zal voeren die het begrotingstekort ver boven de huidige projecties zal duwen. In het beste geval zal dit tot een anemische heropleving leiden. Maar omdat die zeer bescheiden groei gepaard zou gaan met een steile groei van de hoeveelheid dollars in omloop, zou de dollar verder dalen en zou dan na verloop van tijd de inflatiedruk stijgen in de VS en andere landen die de VS op het reflatiepad volgen. In een woord: stagflatie. Maar dit is lang niet zeker. Het kan blijken dat het verlies aan koopkracht als gevolg van de deflatie van vastgoed en andere assets te omvangrijk is om gecompenseerd te worden door meer geld in de economie te pompen zodat de deflatoire lawine, na een tijdje te zijn vertraagd, weer vaart neemt. Zwakke bedrijven in leven houden betekent slechts uitstel van executie en verlaagt intussen de winstvoet van hun gezonde concurrenten. En het vermogen van Aziatisch en ander buitenlands kapitaal om Amerika’s schulden te blijven absorberen, hangt af van hun inkomsten op de Amerikaanse markt en krimpt er dus samen mee.

Al die ambitieuze stimulus-plannen kunnen dus tevergeefs blijken maar een andere optie is er niet. De regeerders moeten die stap wel doen zoals een schaker die zijn koning uit een schaakmat-positie haalt zonder aan de volgende zetten te denken. Maar die volgende zetten zijn niet evident. Het grote gevaar is dat de vertrouwenscrisis zal omslaan van wantrouwen in het banksysteem naar wantrouwen in de staat. Deze laatste kon de banken voorlopig uit de ergste nood helpen maar er is geen hogere instantie die ter hulp kan komen als er geen veilige haven voor geld meer is.


[i] Collega JDP maakte er me, na lezing van de tekst over de crisis die eerder op mijn blog verscheen, attent op dat het Amerikaanse ‘billion’ in het Nederlands ‘miljard’ betekent. Daarom, voor alle duidelijkheid: in deze en vorige tekst heeft ‘biljoen’ wel degelijk de Nederlandse betekenis, nl. ‘duizend miljard’, of, in het Amerikaans, ‘ a trillion’. Over de internationale verwarring over biljoenen en triljoenen, zie http://www.jimloy.com/math/billion.htm. Al die nullen, je duizelt er wel van. Niemand weet nog waar we mee bezig zijn.

[ii] Het lijkt dan ook waarschijnlijk dat de deflatietrend de globalisering verder zal aanwakkeren: dalende prijzen verhogen de druk op bedrijven om kosten te verlagen en marktverlies zal de arme landen dwingen om door competitieve devaluaties die kosten nog lager te maken.

arbeiders (in dit geval in China, november 2008) in opstand tegen ontslagen

Een teken aan de wand: arbeiders -in dit geval in China, november 2008- in opstand tegen ontslagen.

december 30, 2008 at 8:39 am Plaats een reactie

KNIESTUKJE 2: REACTIES

Ik dank al diegenen die me publiek via deze blog of privé via email aanmoedigende reacties gestuurd hebben. Sommige reacties zijn zelf kleine essays die de blog verrijken. Hieronder enkele reacties van mijn kant.

Over mijn stuk over de zelfdoding van Bettina Schardt vonden sommigen dat ik “nogal kort door de bocht ging”. Zoals Marcel opmerkte, het onderwerp is complex. Ik ben akkoord met Rikkie Van Lent die schreef: “ Dat neemt niet weg dat er aan de basis zelf, bij de meeste mensen in de verzorgingssector, de wil bestaat om een hoogstaande service aan te blijven bieden. Misschien moet de westerse beschaving ook eens in de leer gaan bij b.v. de Afrikaanse, waar het nog logisch is dat een ouder familielid door zijn nakomelingen wordt verzorgd maar daarnaast ook nog maatschappelijke taken blijft vervullen.”

Mijn intentie was niet kritiek op de verzorgers, maar aangeven dat het veraangenamen van de zonsondergang voor bejaarden makkelijk een maatschappelijk hoofddoel zou kunnen zijn: de wil en de middelen daartoe bestaan, net als voor zoveel ander zinnig werk dat nu niet of slecht wordt uitgevoerd omdat we de gevangenen zijn van een achterhaalde sociale orde.

Over mijn kritiek op links schreef Jaycee:

“De motor van onze economie, de bankindustrie, is nu gecrashed. Ik probeer met, samen met jou, een ander banksysteem met bijhorende wereld in te beelden. Maar het lukt me niet.
De schuld van links is, zoals je zegt, onmiskenbaar. Maar Links (van groenen over sociaaldemocraten tot communisten) hebben de ‘vrije markt’ niet uitgevonden. Dat deden de machtigen en de rijken, naar het woord van Adam Smith: ‘De regering is er om de rijken te beschermen tegen de armen.’ Help, Tom!”

Beste Jaycee, ik probeer me helemaal geen ander banksysteem in te beelden. Ik probeer me een wereld zonder banken in te beelden. Een economie met een andere motor, de collectieve noden van de mensheid. Links doet dat niet: die heeft de markt weliswaar niet uitgevonden maar intussen toch innig omarmd. Het klopt dat rechts er is “om de rijken te beschermen tegen de armen” maar links is er om het kapitalisme te beschermen tegen de werkende bevolking, tegen de armen, en soms zelfs tegen de rijken en tegen zichzelf.

In een genuanceerde reactie op mijn krisis-analyse schreef Patrick Decoodt onder meer:

“Ik vind volgende stelling dus onjuist :” De globalisering bevorderde bovendien een herverdeling van waarde op de markt die de winsten van de hoog ontwikkelde landen aandikt en die van de minder ontwikkelde afkalft.” De globalisering heeft de winst van een aantal grote multinationals aangedikt, hun gebruik van goedkope arbeidskracht is geglobaliseerd zoals je goed uitlegt. Het klopt m.i. niet dat de arme landen waarin de uitbuiting van lokale arbeid door multinationals is toegenomen “afkalvende winsten” hebben, zelfs niet dat ze armer zijn geworden. China of India, zowel Staat als bevolking, zijn nu toch niet gemiddeld armer dan 20 jaren terug.”

Beste Patrick, ik beweer ook niet dat ze armer zijn geworden. Hun integratie in de wereldmarkt heeft ongetwijfeld hun productiviteit verhoogd en hun export-winst heeft een multiplicator-effect op de binnenlandse economie. Maar dat op zich weerlegt de stelling niet dat er op de wereldmarkt een voor bedrijven uit die landen ongunstige ruilvoet tot stand komt. Niet de hele economie wordt versluisd naar landen als China en India, wel ‘fordistische’ industrie, klassieke grootschalige massaproductie wiens winstvoet in de eerste grote naoorlogse krisisperiode (de jaren 1970) fors gedaald was. Maar de overgrote meerderheid van de ‘cutting edge’-bedrijven in alle sectoren blijft in handen van westers/Japans kapitaal. Mijn stelling is dat die bedrijven, omdat zij de beste middelen hebben om door technologische vernieuwing hun kosten voortdurend onder de gangbare norm te brengen en om nieuwe producten op de markt te brengen, een meerwinst aan hun prijzen kunnen toevoegen die ze enkel aan hun superieure marktpositie danken. Maar dit is een onderwerp waardoor ik me hier niet wil laten meeslepen, uit vrees om de aandacht van mijn toch al niet zo talrijke lezers te verliezen.

Tenslotte nog een bloemetje voor deze nuchtere observatie van Marcel Grauls:

“Economie wordt vaak als een exacte wetenschap voorgesteld: wiskunde, curven, tabelletjes en zo. Dat ergert me. Maar het is wel degelijk alfa, niet beta. Je kunt Nietzsche en Aspe al even makkelijk in curven stoppen.”

december 30, 2008 at 8:18 am Plaats een reactie

Oudere berichten Nieuwere berichten